Twee jaar gevangenis voor eigenaar van schoonheidssalons die meermaals verzekering oplicht

De correctionele rechtbank van Tongeren heeft een Nederlander die meermaals zijn verzekering wilde oplichten met een valse aangifte veroordeeld tot een gevangenisstraf van twee jaar en een boete van 2.400 euro. Ook zijn broer, die bij een van de valse aangiftes betrokken was, werd bij verstek veroordeeld tot een gevangenisstraf van achttien maanden en een boete van 1.600 euro.

J.M., de broer van R.M., meldde aan zijn verzekeraar Ethias dat hij op 30 januari 2017 bij een ontharingsbehandeling in een schoonheidssalon in het Nederlandse Geleen een IPL-apparaat  onherstelbaar beschadigd had toen hij van de behandelingstafel stapte. Hij vermeldde in zijn aangifte dat het toestel een waarde had van tussen de 20.000 en 25.000 euro. 

Tijdens een bezoek van de verzekeringsinspecteur gaf R.M. een valse naam op en zei dat hij J.M. enkel kende als klant terwijl het in werkelijkheid zijn broer is. De inspecteur die de schadeclaim behandelde herinnerde zich een soortgelijke schadeclaim en kwam erachter dat hetzelfde toestel al eerder betrokken was bij een aangifte. Zo zou het op 19 december 2016 uit de woning van R.M. in Lanaken gestolen zijn samen met andere apparaten uit het schoonheidssalon dat hij samen met zijn toenmalige vriendin in Lanaken uitbaatte. Die aangifte werd toen door de verzekeraar geweigerd.

Enkele maanden later dook het 'gestolen' toestel op in het schoonheidsinstituut van R.M. in Maastricht. Daar werd het beschadigd toen het zoontje van zijn vriendin zogezegd een bezoek bracht aan het schoonheidssalon. Die schade werd per e-mail gemeld via een mailadres dat de moeder gebruikte. Toen de verzekeringsinspecteur contact opnam met R.M. gebruikte hij opnieuw een valse naam. De uitbater drong aan op een snelle uitbetaling en zei dat hij het ontharingstoestel enkele maanden geleden had gekocht. Als de verzekering hem snel zou uitbetalen was hij bereid om de helft van de geschatte schade te laten vallen.

Toen de verzekeringsinspecteur de moeder om meer uitleg over de mail en de aangifte vroeg, zei ze dat ze geen schadeclaim had ingediend. Uit onderzoek bleek dat R.M. in haar naam de fictieve schadeaangifte had verstuurd. Niet alleen de mail bleek vals te zijn, ook bleek later dat de zoon van de vrouw op die datum niet in het bewuste schoonheidsinstituut was geweest

Bron : Belga News Agency